Mensen die altijd snurken, hebben een veel groter risico van een hartaanval of een hartziekte. Wellicht heeft de wetenschap nu eindelijk ontdekt wat de beste remedie is voor snurken.
In het algemeen ontstaat snurken door een vorm van‘obstructieve slaapapneu’ (OSA), een aandoening die het hart enorm kan belasten en tot hoge bloeddruk kan leiden.
Helaas zijn de meeste behandelingen voor OSA en snurken weinig effectief of werken ze, op hun best, maar bij een klein aantal mensen. Maar nu denken onderzoekers van het Sleep Research Laboratory in het Canadese Toronto dat ze de oplossing hebben gevonden in een therapie genaamd Continuous Positive Airway Pressure (CPAP). Daarbij gaat de patiënt slapen met een neusmaskertje dat voorkomt dat de pharynx (keelholte) dichtvalt. Dat is namelijk wat er tijdens het snurken steeds gebeurt.
Bron: Lancet, 2009; 373: 82-93
Welke mogelijkheden hebt u nog meer?
*Osteotomie (botverwijdering) van de lage tibia (scheenbeen). Deze operatie laat de beweeglijkheid van de enkel intact en heeft goede langetermijnresultaten laten zien14,15. Omdat deze ingreep niet in alle gevallen effect heeft, moet uw chirurg bepalen of u hiervoor in aanmerking komt.
*Prolotherapie houdt in dat een mengsel van stoffen zoals kruiden, vitaminen en soms traditionele medicijnen zoals pijnstillers in een gewricht gespoten wordt om een ontstekingsreactie uit te lokken. Bij het genezingsproces daarna wordt er collageen (een bouwsteen voor kraakbeen) gevormd. Er is wetenschappelijk bewijs dat prolotherapie met 10 procent dextrose effectief is16.
*Viscosupplementen (hyaluronzuur – een van de componenten van gewrichtsvocht), geïnjecteerd in het gewricht zouden werken als glijmiddel. Recente studies wijzen erop dat dit werkzaam is bij osteoartritis van de knie en de enkel; patiënten meldden significante verbetering van pijn en gewrichtsfunctie17,18.
*Acupunctuur met bijengif. Hierbij worden stoffen uit bijengif rechtstreeks in een acupunt gespoten, waardoor de pijn en de zwelling waarmee artritis gepaard gaat zouden afnemen19. Bij patiënten met osteoartritis van de knie bleek dat vier weken bijengifacupunctuur de pijn beter verlichtte dan de traditionele acupunctuur met naalden20.
*Voedingssupplementen met glucosamine en chondroïtine zouden de pijn en de stijfheid verbeteren en het slijtageproces zelfs kunnen vertragen21,22. In één onderzoek werd gevonden dat glucosamine bij ongeveer de helft van de onderzochte patiënten een noodzakelijke knieoperatie overbodig maakte23. Andere supplementen die zouden kunnen helpen zijn cetyl vetzuren24 en S-adenosylmethionine (SAM-e)25 (een lichaamseigen stof die betrokken is bij veel processen in het lichaam).
*Kruidenmiddelen die in dit verband veelbelovend lijken, zijn:
-Harpago phytum (duivelsklauw),
-Salix alba (wilgenbast),
-Phytodolor (een mengsel van alcoholische extracten van Populus tremula (ratelpopulier), Fraxinus excelsior (gewone Es), en Solidago virgaurea (echte Guldenroede),
-capsaicine (de hete stof uit chilipepers),
-avocado/sojaboon extracten of ‘onverzeepbare’ stoffen (AFU’s),
-en rozenbottelpoeder26,27.
Voor meer informatie over een natuurlijke behandeling verwijs ik u naar WDDTY’s The Arthritis Manual, verkrijgbaar via www.wddty.com.
1 Instr Course Lect, 2008; 57: 383-413
2 Foot Ankle Int, 2000; 21: 182-194
3 J Am Acad Orthop Surg, 2000; 8: 200-209
4 J Bone Joint Surg Am, 2003; 85: 923-936
5 Acta Orthop Scand, 1981; 52: 103-105
6 J Bone Joint Surg Am, 2001; 83-A: 219-228
7 J Bone Joint Surg Am, 2006; 88: 526-535
8 Acta Orthop Scand, 1981; 52: 103-105
9 J Bone Joint Surg Am, 2003; 85: 923-936
10 J Bone Joint Surg Br, 2005; 87-B: 343-347
11 Foot Ankle Int, 2008; 29: 3-9
12 Acta Orthop Scand, 1981; 52: 103-105
13 J Bone Joint Surg Am, 2003; 85: 923-936
14 J Bone Joint Surg Br, 2006; 88-B: 909-913
15 Arch Orthop Trauma Surg, 2001; 121: 355-358
16 Am J Phys Med Rehabil, 2004; 83: 379-389
17 Cochrane Database Syst Rev, 2006; 2: CD005321
18 Osteoarthritis Cartilage, 2006; 14: 867-874
19 Evid Based Complement Alternat Med, 2005; 2: 79-84
20 Am J Chin Med, 2001; 29: 187-199
21 Lancet, 2001; 357: 251-256
22 Osteoarthritis Cartilage, 1998; 6 Suppl A: 39-46
23 Osteoarthritis Cartilage, 2008; 16: 254-260
24 J Rheumatol, 2002; 29: 1708-1712
25 Am J Med, 1987; 83: 60-65
26 Rheumatology, 2001; 40: 779-793
27 MMW Fortschr Med, 2007; 149: 51-56