Ondersteuning in en na de menopauze

Natuurgenezer en kruidenkundige Harald Gaier bespreekt in Medisch Dossier enkele kruidenpreparaten die nuttig zijn gebleken tijdens de overgang en daarna.

Als een vrouw ouder wordt en in de menopauze komt, treden er onvermijdelijke en blijvende veranderingen in haar lichaam op die met leeftijd en hormonen te maken hebben. Daardoor worden meestal ook veranderingen in de leefstijl noodzakelijk, waarbij ook de voedingssupplementen eens onder de loep genomen moeten worden. Van de onderstaande kruiden zijn bij onderzoek hoopgevende resultaten gezien. Raadpleegt u in alle gevallen een fytotherapeut of natuurgeneeskundige voordat u een geneeskrachtig kruid gaat gebruiken.


Black cohosh (Cimicifuga racemosa)
Deze plant heet in het Nederlands zilverkaars, maar is in de fytotherapie beter bekend onder zijn Latijnse en Engelse naam. Hij werkt goed tegen menopauzale symptomen1. Het kruid kan ook helpen tegen postoperatieve functiestoornissen na een verwijdering van de eierstokken of een volledige baarmoederverwijdering.
Contra-indicaties: zwangerschap; lactatie; oestrogeenafhankelijke tumoren – waaronder bepaalde vormen van borstkanker – vanwege de mogelijke oestrogeenachtige werking; overgevoeligheid voor salicylzuur, aangezien deze plant salicylzuur bevat.
Interacties met andere middelen: wanneer een vrouw hormoonsubstitutie gebruikt, kan een combinatie daarvan met dit kruid leiden tot een overmaat aan oestrogeen.
Bij onderzoeken met een vloeibaar extract van dit kruid werd tot 890 mg/dag gegeven zonder toxische bijwerkingen2,3, terwijl de gebruikelijke dosis van een ethanolextract maar 8 mg/dag is.


Teunisbloemolie (Oenothera biennis)
Vrouwen hebben na de overgang vaak last van een droge huid (eczeemachtig), haaruitval, pijnlijke borsten en een vertraagde wondgenezing vanwege een verlaagd oestrogeengehalte. Teunisbloemolie kan die klachten verhelpen4.
Contra-indicaties: epilepsie, manie.
Interacties met andere middelen: bij fenothiazinen (een groep antipsychotica) kan dit kruid insulten en hallucinaties uitlokken; van tamoxifen versnelt het de klinische reactie; bij cyclosporine vermindert het de mogelijke nierbeschadiging (een gunstige interactie dus); van stollingsremmers kan het kruid het bloedverdunnend effect vergroten.
De hoogste dosis die in het algemeen nog wordt aanbevolen is 0,1 ml/kg/dag. Iemand die 55 kilo weegt, zou dus 5,5 ml/dag mogen nemen5,3.


Knoflook (Allium sativum)
Het is een feit dat knoflook niet alleen de bloeddruk verlaagt, maar ook het bloedsuiker, het cholesterol en andere vetten in het bloed. Maar ook voorkomt knoflook de vorming van bloedstolsels, heeft het een licht antibiotische en schimmelbestrijdende werking evenals enige antioxiderende en antikankeractiviteit, is het weerstandsverhogend en beschermend voor de lever6.
Contra-indicaties: gastritis; beginnende zwangerschap; hypothyroïdie (onderactieve schildklier) en reflux (van maaginhoud naar de slokdarm).
Interacties met andere middelen: van bloedverdunners wordt de stollingsremmende werking versterkt; in combinatie met indometacine, dipyridamol en paracetamol kan het de toxiciteit voor de lever verminderen; bij insulinegebruik moet wellicht de instelling worden veranderd, doordat dit kruid het bloedglucose verlaagt.
Meestal wordt een dosis van 4 gram verse knoflook per dag of 8 mg etherische olie van knoflook voorgeschreven als onderhoudsdosis voor de verlaging van vetten in het bloed en ter preventie van leeftijdsgerelateerde veranderingen van de vaten7.


Ginkgo biloba (Japanse notenboom)
Ginkgo helpt geheugenverlies te voorkomen evenals verlies van de mentale alertheid, dementie, ziekte van Alzheimer, beroertes en schade door vrije radicalen na een traumatisch hersenletsel8.
Contra-indicaties: in de eerste drie maanden van de zwangerschap, bij stollingsstoornissen en wanneer een grote operatie ophanden is. In dat laatste geval kan ginkgo, indien langdurig gebruikt, de kans op een bloeding vergroten.
Interacties met andere middelen: versterkte werking bij chronisch gebruik van aspirine als bloedverdunner, antistollingsmiddelen, heparine, andere NSAID’s, thiazidediuretica, trazodon, cyclosporine en papaverine; versterkende werking bij monoamine-oxidase (MAO) remmers, een groep middelen tegen depressie.
In een onderzoek waarin 33 vrouwen een gemiddelde dosis van 209 mg/dag namen, bleek een extract van het blad van de ginkgo de seksuele disfunctie tegen te gaan die was ontstaan door antidepressiva. Ook wordt aangenomen dat ginkgo de werking van anticonvulsiva (middelen tegen epileptische insulten, zoals carbamazepine) vermindert9.
Ter behandeling van chronische aandoeningen wordt ginkgo meestal gedurende minimaal acht weken voorgeschreven, in een totale dagelijkse dosis van 120-240 mg van het gestandaardiseerde extract (met minimaal 24 procent flavonglycosiden en 6 procent terpeenlactonen: ginkgoliden en bilobaliden). Gewoonlijk wordt na drie maanden gekeken of het kruid een goede uitwerking heeft, voordat wordt besloten het gebruik voort te zetten.


Arnica montana (wolverlei, valkruid)
Gebruik arnica nooit inwendig tenzij in zeer verdunde vorm in een homeopathisch preparaat, anders kan het toxisch zijn voor de lever en nieren. Onverdund ingenomen kan het tevens de maag en darmen irriteren10,3. De arnicatabletten die vrij verkrijgbaar zijn bij vele drogisten, komen van producenten als VSM en Weleda en hebben processen ondergaan waardoor de toxiciteit is opgeheven. Ze kunnen dus veilig gebruikt worden volgens de aanwijzingen op de verpakking en zonder begeleiding van een homeopaat. Er mogen geen bijwerkingen of contra-indicaties zijn.
Arnicatabletten kunnen blauwe plekken en schaafwonden verminderen, evenals correct verdunde arnicacrème11. Vrijwel alle cosmetische en plastisch chirurgen in Harley Street in Londen bevelen patiënten van middelbare leeftijd aan arnicatabletten te nemen voor en na de operatie, om de ernstige blauwe plekken die onvermijdelijk optreden na de operatie zo gering mogelijk te houden.


Meidoorn (Crataegus laevigata)
Door het verlaagde oestrogeen na de overgang neemt het risico van hartproblemen toe. Vrouwen krijgen dan plotseling hetzelfde risico als mannen op aderverkalking, hoge bloeddruk en congestief hartfalen (door overbelasting van het hart).
Van meidoorn zijn echter vele gunstige effecten aangetoond op hart en vaten. Vanwege zijn antiaritmische werking kan meidoorn hartritmestoornissen reguleren. Verder kan het kruid de kransslagaderen (die het hart van bloed voorzien) verwijden, waardoor de kans op een hartaanval daalt en de bloedtoevoer naar het hart stijgt. Ook kan meidoorn de systolische bloeddruk (het eerste, hoogste van de twee cijfers van een bloeddrukmeting) verlagen, hetgeen vooral bij vijftigplussers goed is, omdat zij het hoogste risico hebben op geïsoleerde systolische hypertensie (ISH), een verhoging van enkel de bovendruk. Onbehandeld kan dat leiden tot hartziekte, beroerte en dementie. Dit kruid verbetert niet alleen een te hoge, maar ook een te lage bloeddruk (hypotensie), die kan leiden tot plotseling bewustzijnsverlies of vallen12.
Interacties met andere middelen: wie bètablokkers gebruikt voor hoge bloeddruk moet weten dat meidoorn een lichte verhoging van de diastolische druk kan opleveren (het tweede, laagste cijfer van een bloeddrukmeting). In combinatie met knoflookpoeder beschermt meidoorn het hart, de lever en de alvleesklier tegen de schadelijke invloed van isoprenaline, een bronchodilator die bekend is om zijn krachtige stimulerende werking op het hart-vaatstelsel. In combinatie met adenosine versterkt meidoorn de werking van digoxine, dat wordt voorgeschreven voor aandoeningen van het hart en de kransslagaderen. Als extract op basis van alcohol (verhouding 4:1) remt meidoorn de vernauwing van arteriën onder invloed van fenylefrine13.


Sint-janskruid (Hypericum perforatum)
Dit is in Nederland een van de weinige fytomiddelen die als medicijn zijn geregistreerd. Het mag daarom alleen door een arts worden voorgeschreven. Vanaf de dagen vóór Hippocrates (ca. 460-ca. 370 v. Chr.) zijn er schriftelijke bewijzen dat dit kruid werd gebruikt. Hoewel het tegenwoordig het best bekend staat om zijn antidepressieve werking, is ook bekend dat het de wondgenezing bevordert en dat het proteïne-kinase C kan remmen, met als gunstig effect dat de normaliter bij diabetes optredende vaatcomplicaties worden voorkomen die kunnen leiden tot nier- en oogafwijkingen en neuropathie. Verder heeft sint-janskruid antivirale activiteit, een verwijdend effect op de kransslagaderen, een pijnstillende (analgetische) en leverbeschermende werking, en kan het helpen tegen slaapstoornissen doordat het de melatonineproductie verhoogt14.
Contra-indicaties: dit kruid mag niet worden gebruikt bij zwangerschap, voorafgaand aan blootstelling aan de zon, UV-behandeling of lichttherapie of door mensen met endogene (genetisch veroorzaakte) depressie: met name depressie in combinatie met psychotische symptomen of een hoog risico van suïcide.
Interacties met andere middelen: sint-janskruid kan de werking van leverenzymen versterken. Dat is reversibel, maar houd er rekening mee bij combinatie met ieder medicijn. Bekend zijn bijvoorbeeld gevallen van ongeplande zwangerschap doordat de anticonceptiepil in combinatie met sint-janskruid minder goed werkte. Andere bekende interacties zijn die met sertraline, trazodon, fluoxetine, paroxetine, indinavir, acenocoumarol, fenprocoumon, proteaseremmers, theofylline (hierbij moet sint-janskruid met 250 procent meer gedoseerd worden om effectief te blijven), MAO-remmers, midazolam en naloxon, evenals met middelen die overgevoelig maken voor licht (fotosensitiviteit), zoals piroxicam en tetracycline. Indien genomen voorafgaand aan een operatie, kan het negatieve interactie vertonen met de gebruikte anaesthetica (informeer dus de anesthesist als u sint-janskruid heeft gebruikt)15.

Voor lichte tot matige depressie is de therapeutische dosis van dit kruidenextract 300 tot 900 mg/dag en bij ernstige depressie tot 1800 mg/dag. Het extract moet gestandaardiseerd zijn op 0,3 procent hypericine.


Harald Gaier
Harald Gaier is erkend Brits natuurgenezer, osteopaat, homeopaat en kruidengenezer.
(voor meer informatie: www.drgaier.com)

1McKenna DJ et al., Botanical medicines: The Desk Reference for Major Herbal Supplements, 2nd edition. London, Oxford & NY: The Haworth Press, 2002; 41-43
2Brinker F., Herb Contraindications & Drug Interactions, 3rd edition, Sandy, OR: Eclectic Medical Publications, 2001; 40-41
3www.eclecticherb.com/emp
4McKenna zie ref 1; 327-335
5Brinker zie ref 2; 92-93
6McKenna zie ref 1; 375-396
7Brinker zie ref 2; 99-101
8Arch Phys Med Rehabil, 2000; 81: 668-678
9Brinker zie ref 2; 103-107
10Brinker zie ref 2; 31-32
11Schilcher H., Kammerer S. Leitfaden Phytotherapie, 3 aufl. München, Jena; Urban & Fischer Verlag, 2010; 30-32
12McKenna zie ref 1; 659-670
13Brinker zie ref 2; 118
14McKenna zie ref 1; 923-971
15Brinker zie ref 2; 178-184

  ...

Lees het hele artikel:

Bestel dit nummer of    log in als u abonnnee bent.

Trefwoorden
menopauze overgang gezondheid vrouw