Melk, de witte sloper

 ‘Melk, de witte motor’ was het motto. Maar uit nieuw onderzoek blijkt dat melkdrinkers eerder overlijden. En melk beschermt niet eens tegen gebroken heupen en broze botten.

Door Bryan Hubbard

Het leek zo logisch en het was een van de bekendste gezondheidsslogans: ‘Melk, de witte motor’. Melk bevat 18 van de 22 essentiële voedingsstoffen, waaronder calcium, fosfor en vitamine D. Het moet dus wel goed zijn voor opgroeiende kinderen en vrouwen na de overgang, en hen tegen broze botten (osteoporose) en botbreuken beschermen. Sommigen gingen nog verder. Moest Joris Driepinter nog drie glazen melk per dag drinken, vrouwen na de overgang hadden wel twee liter nodig. Men dacht dat deze maatregel de zorgkosten als gevolg van osteoporose met 20 procent zou verminderen.
In 1977 werd gestart met de subsidiëring van schoolmelk. Hoewel dit vooral een maatregel was om van het melkoverschot af te komen, werd de schoolmelk gepromoot als gezond. Van begin af aan werd deze bewering in twijfel getrokken; toch wordt schoolmelk nog steeds gesubsidieerd, omdat de Europese Unie de consumptie van melk wil stimuleren.1
Nu blijkt uit een nieuw Zweeds onderzoek dat te veel melk tot een vroegtijdige dood kan leiden en de kans op botbreuken zelfs kan vergroten: precies het tegenovergestelde van wat beweerd wordt.2

Verandering
De onderzoekers van de Uppsala Universiteit denken dat deze paradox veroorzaakt wordt door D-galactose (ook wel kortweg ‘galactose’ genoemd), een melksuiker. In dierproeven bleek D-galactose zelfs al in kleine hoeveelheden het verouderingsproces te versnellen, oxidatieve stress te veroorzaken (de afgifte van schadelijke vrije radicalen), chronische ontstekingen uit te lokken – die de basis vormen van vele chronische ziekten, waaronder hart- en vaatziekten – het immuunsysteem te verzwakken en de kans op neurologische aandoeningen zoals alzheimer en parkinson te vergroten.
Als we die resultaten doortrekken naar mensen, begint bij ons het verouderingsproces al wanneer we een of twee glazen melk per dag drinken – één glas is goed voor ongeveer 5 gram D-galactose.
Voor alternatieve therapeuten en voedingsdeskundigen is dit nauwelijks nieuws. Die beweren al jaren dat zuivel een van de belangrijkste voedselallergenen is. Maar de omvang van het Zweedse onderzoek en de onbetwistbare uitkomsten ervan zouden iedereen wakker moeten schudden.
De onderzoekers volgden twintig jaar lang de gezondheid en het voedingspatroon van ruim 61.000 vrouwen en 45.000 mannen. Ze deden een opzienbarende ontdekking: vrouwen die veel melk drinken (1,5 liter per dag) hadden twee keer zoveel kans vroegtijdig te overlijden dan degenen die minder dan een halve liter per dag dronken.

Poreuze botten
Bovendien deed melk niet wat het beloofde te doen: de melkdrinkers hadden zelfs vaker botbreuken dan de niet-drinkers, met name heupfracturen!
Toch was dit Zweedse onderzoek niet het eerste dat de melkparadox aan het licht bracht. Zo’n veertig jaar geleden wezen onderzoekers hier al op. Een studie ontdekte destijds dat mensen in de Verenigde Staten en Scandinavië meer zuivelproducten consumeren dan elders, maar dat osteoporose er desondanks vaker voorkomt.3 Andere studies vonden andere oorzaken.
Melk wordt aangeprezen als een belangrijke natuurlijke bron van calcium, waarvan we veel nodig hebben om osteoporose te voorkomen. Toch kunnen zuivelproducten tot gevolg hebben dat het lichaam juist minder calcium vasthoudt, en zo osteoporose bespoedigen.
Zuivel bevat namelijk niet alleen veel calcium, maar ook veel eiwitten. Te veel eiwitten in uw dieet – uit melkproducten of andere bronnen, zoals vlees, vis en eieren – zorgt ervoor dat uw lichaam het overschot moet wegwerken. Om daarin te slagen, moeten onze nieren harder werken, waardoor we ook meer calcium uitscheiden, die in onze urine belandt (hypercalciurie). Zo werd in een onderzoek naar het verband gezocht tussen een lage melkconsumptie en een verhoogd risico op botbreuken, maar dit werd bij mannen noch vrouwen gevonden.4 In de Nurses’ Health Study, een groot epidemiologisch onderzoek in de VS, werden bijna 78.000 vrouwen twaalf jaar lang gevolgd. Een verhoogde melkconsumptie bleek niet te helpen om de kans op botbreuken te verminderen.5
En er is nog een probleem. Het vermogen van ons lichaam om calcium op te nemen en te gebruiken, is afhankelijk van fosfor.6 De optimale calcium-fosforverhouding (2:1) zorgt voor minder botverlies en sterkere botten – mits we niet te veel eiwitten consumeren. Voedingsmiddelen met een goede calcium-fosforverhouding zijn fruit en groenten.

Bechterew
Osteoporose is trouwens niet de enige botafwijking die door melk wordt veroorzaakt. Melk kan ook de ziekte van Bechterew uitlokken of verergeren. Deze ziekte treft de wervelkolom, die stijf en pijnlijk wordt. De reguliere geneeskunde is onzeker over de oorzaak, maar denkt vooral aan erfelijke factoren. Toch heeft onderzoek ook zuivel als mogelijke boosdoener aangewezen. De onderzoekers adviseerden 25 Bechterew-patiënten om alle zuivelproducten te laten staan: niet alleen melk, maar ook kaas, yoghurt, ijs en boter. Na zes weken meldde de helft van de patiënten verbetering, zoals minder pijn en ochtendstijfheid, minder last van gewrichten en rug, en minder behoefte aan niet-steroïdale ontstekingsremmende pijnstillers (NSAID’s).
Het was wel opvallend dat patiënten met reumatoïde artritis geen verbetering ondervonden met een zuivelarm dieet. De oorzaak van het succes bij Bechterew is onduidelijk, maar er lijkt een verband te bestaan tussen de ziekte en bepaalde bacteriën in zuivelproducten die zelfs de hoge temperaturen van het bewerkingsproces overleven.7

[Literatuur:]
1 http://ec.europa.eu/agriculture/drinkitup/the_school_milk_programme_nl.htm
2 BMJ, 2014; 349; g6015
3 ClinOrthopRelatRes, 1980; 152: 35-43
4 Osteoporos Int, 2005; 16: 799-804
5 Am J Public Health, 1997; 87: 992-7
6 Hur, R. Food reform: our urgent need. Heidelberg Press, 1975
7 Ann Rheum Dis, 1994; 53: 481-2

Melkfeiten
Melkfeit 1: In 1960 was de gemiddelde melkproductie van een Nederlandse koe 4200 liter per jaar. In 2010 was dat dankzij antibiotica en andere medicijnen 8000 liter.
Melkfeit 2: Kalfjes die gepasteuriseerde melk krijgen, gaan binnen twee maanden dood.
Melkfeit 3: Melk blokkeert de opname van ijzer uit andere bronnen. Baby’s die borstvoeding krijgen, hebben een veel hogere ijzerabsorptie dan baby’s die voeding op basis van koemelk krijgen, zelfs als daar ijzer aan toegevoegd is.
Melkfeit 4: Een gemiddeld portie sardientjes, jonge haring of tofoe bevat elk meer dan drie keer zoveel calcium als melk.

[Kadertekst:] Niet te verteren
Als je erover nadenkt, is het best vreemd dat mensen op volwassen leeftijd nog melk drinken. We zijn het enige ‘zoogdier’ dat dat doet, en nog wel de melk van een andere soort!
We hebben de enzymen renine en lactase nodig om melk af te breken en op te nemen. Maar als we ongeveer vier jaar oud zijn, zijn de meesten van ons niet langer in staat lactose te verteren, omdat we de juiste spijsverteringsenzymen niet meer aanmaken. Het gevolg is lactose-intolerantie, die diarree, winderigheid en buikkrampen veroorzaakt. Naar schatting heeft 90 procent van de volwassen Aziaten en donkere mensen, en 20 procent van de Kaukasische kinderen een lactose-intolerantie.
De hoeveelheid caseïne (het belangrijkste melkeiwit) in koemelk is driehonderd keer zo hoog als in menselijke moedermelk. Dat bevat voornamelijk lactoalbumine, een eiwit dat baby’s goed kunnen verteren. De melk van elke diersoort is speciaal ontworpen om in de behoeften van diens jongen te voorzien. Caseïne is bedoeld voor het spijsverteringskanaal van kalfjes, dat vier magen telt. In de maag van mensen gaat caseïne samenklonteren en vormt grote, harde stukken stremsel, die moeilijk te verteren zijn.
Bovendien kan het eiwit van een ander dier in ons lichaam een allergische reactie oproepen.1 De meest voorkomende symptomen daarvan zijn een loopneus, een aanhoudende zere keel, heesheid, bronchitis en terugkerende oorontstekingen. De slijmvliezen in de gewrichten en longen kunnen opzwellen of ontstoken raken, en zo bijdragen aan reuma en astma.
Sommige baby’s zijn zo gevoelig dat ze zelfs reageren op de koemelk die hun borstvoedinggevende moeder drinkt. In een onderzoek bleken baby’s die borstvoeding kregen, op de voeding van hun moeder te reageren – voornamelijk op koemelk en eieren. Toen hun moeder daarmee stopte, verdwenen de symptomen bij de baby. 2

LITERATUUR
1 J Allergy, 1968; 41: 226-35
2 Freed DLJ. Health hazards of milk. London: Bailliere Tindall, 1984

[Kadertekst:] Melk is slecht voor elk
Er zit nog veel meer in melk dan caseïne, galactose en calcium. Door onze intensieve veehouderij krijg je met melk ook de pesticiden binnen die op het graan zijn gespoten waarmee het vee wordt gevoerd. Er zijn zelfs sporen van zware metalen en radioactiviteit in melk aangetroffen die hoger zijn dan in ons drinkwater is toegestaan. 1
Een gemiddeld glas melk uit de winkel kan daarnaast de volgende verontreinigingen bevatten:
- Hormonen en groeifactoren: Clark Grosvenor, endocrinoloog aan de Pennsylvania State Universiteit, deed uitvoerig onderzoek naar hormonen en groeifactoren in Amerikaanse melk. Ze worden aan koeien gegeven om hun melkproductie en hoeveelheid lichaamsvet te verhogen. Hij vond zeven verschillende typen hormonen, elf soorten groeifactoren en negen andere bio-actieve stoffen.2
- Pus: Britse koeien lijden aan allerlei infectieziekten, waaronder brucellose, tuberculose, mond-en-klauwzeer, virale longontsteking en de ziekte van Johne (paratuberculose). De koe reageert hierop door witte bloedcellen aan te maken. Deze cellen komen samen met celresten en dood weefsel – feitelijk dus pus – in de melk terecht. Hoewel de EU een limiet heeft gesteld aan het aantal cellen dat in melk aanwezig mag zijn, is het toch geen fris idee dat melk met 400 miljoen afvalcellen per liter verkocht mag worden voor menselijke consumptie…3
- Resistente bacteriën: Koeien krijgen regelmatig antibiotica om infecties te bestrijden. Hoewel er regels zijn om te voorkomen dat er te veel antibiotica in de melk belandt, hebben we wel te maken met steeds meer resistente bacteriën door het hoge antibioticagebruik in de veeteelt. In een onderzoek werden resistente salmonellabacteriën in melk aangetroffen.4

LITERATUUR
1 Freed DLJ. Health Hazards of Milk. London: Bailliere Tindall, 1984
2 Endocr Rev, 1993; 14: 710-28
3 Butler J. White lies: the health consequences of consuming cow’s milk. Bristol: Vegetarian & Vegan Foundation, 2006
4 N Engl J Med, 2000; 342: 1242-9

[Kadertekst:] Melk en prostaatkanker
De afgelopen decennia is er steeds meer bewijs gevonden dat melk prostaatkanker kan veroorzaken. In 1975 was er voor het eerst sprake van, toen wetenschappers een sterk verband opmerkten tussen melkconsumptie en sterfgevallen door prostaatkanker.1 Sindsdien is er steeds weer melding gemaakt van een verhoogd risico op kanker door zuivelproducten, vooral melk, de meest geconsumeerde vorm van zuivel.
Aanvankelijk kreeg het verzadigde vet in zuivel de schuld,2 maar er is steeds meer bewijs dat het tegendeel wel eens waar kon zijn: dat het verwijderen van vet uit de melk verantwoordelijk is voor het kankerverwekkende effect.
In een verkennende studie in de VS waarin meer dan 3600 mannen tien jaar lang gevolgd werden, werd ontdekt dat degenen die de meeste zuivel gebruikten, meer dan twee keer zoveel kans hadden prostaatkanker te krijgen dan degenen die de minste zuivel namen.
Maar toen de onderzoekers de geconsumeerde zuivelproducten onder de loep namen, bleek dat het risico alleen groter was bij halfvolle melk, en niet bij volle melk of andere zuivelproducten. Volle melk had zelfs een licht, zij het statistisch niet significant, beschermend effect tegen kanker. 3
Een onderzoek van Harvard kwam tot een soortgelijke conclusie. Aan dit onderzoek namen 20.000 mannen deel, die elf jaar lang gevolgd werden. Het verhoogde risico op prostaatkanker was in dit onderzoek voornamelijk toe te schrijven aan halfvolle melk. Er werden vijf zuivelproducten onderzocht: melk in ontbijtproducten, volle melk, halfvolle melk, kaas en ijs. Alleen halfvolle melk liet een duidelijk verband met prostaatkanker zien bij mannen die een of meer glazen per dag nuttigden.4
Overeenkomstige resultaten werden gevonden in een verkennend onderzoek onder meer dan 25.000 Noorse mannen.5 Ook bij een analyse van melkconsumptie in 41 verschillende landen bleek dat magere melk het meest geassocieerd werd met sterfgevallen door prostaatkanker.6

LITERATUUR
1 Am J Clin Nutr, 2005; 81: 1147-54
2 Salud Publica Mex, 1997; 39:298-309
3 Am J Clin Nutr, 2005; 81: 1147-54
4 Am J Clin Nutr, 2001; 74: 549-54
5 Int J Cancer, 1997; 73: 634-8
6 Altern Med Rev, 1999; 4: 162-9 ...

Lees het hele artikel:

Bestel dit nummer of    log in als u abonnnee bent.

Trefwoorden
D-galactose, ziekte van Bechterew osteoporose