Een op de twintig borstkankergevallen door hormoontherapie

Het risico van Hormonale suppletietherapie (HST) is dubbel zo groot als de dokters dachten; recent onderzoek wijst uit dat het borstkanker kan veroorzaken bij een op de vijftig vrouwen. Het risico is het grootst bij de meest gangbare vorm van HST, oestrogeen plus progestageen, na ten minste vijf jaar inname, aldus onderzoekers van de Universiteit van Oxford. Zij schatten dat een op de twintig gevallen van borstkanker in het Verenigd Koninkrijk worden veroorzaakt door het medicijn, dat is ontworpen om de ergste overgangsklachten van vrouwen te helpen verlichten. Het risico op borstkanker was iets lager voor vrouwen die alleen oestrogeen kregen, namelijk een op de zeventig. En vrouwen moeten beseffen dat het risico tot tien jaar nadien verhoogd blijft, aldus de onderzoekers. Het risico verdwijnt niet, zoals veelal wordt gedacht, op het moment dat je stopt met de therapie. 

De afgelopen tien jaar wordt HST steeds vaker voorgeschreven en sommige studies bagatelliseren de gezondheidsrisico’s. Volgens de onderzoekers is het echter van vitaal belang om terug te keren naar de situatie van het begin van de jaren 90 in de vorige eeuw, toen de gevaren van de therapie voor het eerst werden ontdekt. De onderzoekers vonden in databestanden van gezondheidsinstanties 108.000 vrouwen met een gemiddelde leeftijd van 65, die borstkanker hadden gekregen. Van hen had 51 procent gemiddeld zeven jaar lang een hormonale behandeling gehad.  Het gemiddelde risico op borstkanker bij vrouwen tussen de 50 en 69 die geen HST hebben gehad, is 6,3 procent, maar dit loopt op naar 8,3 procent bij vrouwen die vijf jaar lang HST hebben gehad. Het risico loopt nog verder op als de therapie tien jaar of langer duurt. 

BRON:

Lancet, 2019; 394: 1159–68