Gamen als kind in verband gebracht met een beter geheugen

Een nieuwe studie naar videogamen en cognitieve vaardigheden laat zien dat het spelen van videogames als kind het werkgeheugen van een persoon jaren later nog kan verbeteren.

Veel ouders maken zich zorgen over hun urenlang gamende kinderen. Het lijkt echer erop dat sommige videogames daadwerkelijk nuttig kunnen zijn.

Eerdere studies  toonden aan dat het spelen van videogames het leervermogen kan verbeteren en ouderen zelfs kan beschermen tegen dementie.1,2

In een nieuwe studie van de Universitat Oberta de Catalunya in Barcelona combineerden de onderzoekers gamen met transcraniële magnetische stimulatie (TMS).3 TMS is een niet-invasieve vorm van hersenstimulatie en wetenschappers hebben het vooral bestudeerd als een behandeling voor stemmingsstoornissen en depressies.

De Spaanse onderzoekers wilden weten of de combinatie van videogametraining en TMS de cognitieve functie meer kon verbeteren dan een van beide onderdelen alleen.

Ze vroegen 27 gezonde vrijwilligers, met een gemiddelde leeftijd van 29 jaar, om deel te nemen aan 10 videogametrainingen, waarbij ze elk anderhalf uur Super Mario 64 speelden. Aan het einde van elke sessie pasten de onderzoekers TMS toe op een deel van de prefrontale cortex, die belangrijk is voor complexe cognitieve functies, zoals werkgeheugen en redeneren. Het werkgeheugen is een tijdelijke opslagplaats van taak-relevante informatie in de hersenen. Het speelt vooral een rol bij actieve denkprocessen.

De onderzoekers beoordeelden de cognitieve functie van de deelnemers voordat de studie begon, aan het einde van de 10 sessies en 15 dagen daarna. Over het algemeen toonden de resultaten zeer beperkte veranderingen in het cognitief vermogen die louter het gevolg leken te zijn van de videogametraining en niet de TMS. Wel ontdekten de onderzoekers dat het werkgeheugen van deelnemers die als kind al gameden, was verbeterd. Dat suggereert volgens de onderzoekers dat videogames kunnen leiden tot cognitieve veranderingen die ook op de langere termijn blijvend zijn.

Het is volgens de bezoekers wel belangrijk om op te merken dat deze studie een klein aantal deelnemers omvatte die allemaal gezond, jong en hoog opgeleid waren, wat betekent dat de bevindingen mogelijk niet breder toepasbaar zijn.

 

Bronnen

  1. ScienceDirect. Sept 2017; 335; 208-214
  2. PLoS One. 2017; 12(12): e0187779
  3. Front. Hum. Neurosci., 19 June 2020