Naar buiten voor een betere slaap

Onze ogen hebben speciale lichtreceptoren die informatie naar de hypothalamus sturen om de productie van serotonine te stimuleren. Als we volgens de natuur leven (niet nachtbraken en overdag minstens een halfuur buiten zijn), waardoor onze biologische klok op de juiste tijd is ingesteld gebeurt die serotonineproductie elke dag. Als we echter onvoldoende buiten zijn, lijdt onze serotonineproductie – en onze gezondheid – daaronder.
Klinisch psycholoog Jeffrey Rossman schrijft in zijn boek The mind-body mood solution dat ‘velen van ons niet in de gaten hebben (…) dat we lijden onder de gevolgen van een tekort aan licht. Vanwege het uitzonderlijke vermogen van onze ogen zich aan te passen aan veranderingen in helderheid, hebben we vaak niet door hoe weinig we eigenlijk van licht kunnen profiteren als we binnen zitten. Het licht binnenshuis is gemiddeld honderd keer minder helder dan buitenlicht op een zonnige dag. Zelfs een bewolkte dag levert tien keer zoveel helderheid dan het gangbare licht binnenshuis.’
Een recente studie naar de kwaliteit van slaap van kantoorpersoneel dat overdag werkte, bracht enkele schokkende resultaten aan het licht. Kantoormedewerkers die niet in de buurt van een raam werkten, kregen 173 procent minder natuurlijk licht dan kantoormedewerkers die vlak bij een raam werkten. Als gevolg daarvan sliepen ze gemiddeld 46 minuten minder per nacht. Dit slaaptekort zorgde ervoor dat ze meer lichamelijke kwalen rapporteerden en zich minder energiek voelden. Vergeleken met hen waren de kantoormedewerkers die in een lichtere omgeving werkten lichamelijk actiever, gelukkiger en hadden ze in het algemeen een betere kwaliteit van leven.
J Clin Sleep Med, 2014; 10: 603-11
 

Reacties