Nieuw onderzoek wijst op mogelijke trigger parkinson

Jaarlijks wordt op 11 april de Wereld Parkinsondag georganiseerd om extra aandacht voor deze ziekte te vragen. En dat is nodig, want door de vergrijzing stijgt het aantal sinds 2010 gestaag met gemiddeld 2,8 procent per jaar. In 2020 waren er 36.292 personen met de ziekte van Parkinson en 21.668 personen met een parkinsonisme (een verzamelnaam voor een aantal aandoeningen die lijken op de ziekte van Parkinson) onder behandeling van de neuroloog.

Wetenschappers zijn het erover eens dat parkinson niet één oorzaak heeft, maar dat er verschillende oorzaken zijn die elkaar beïnvloeden. Over hoe dat samenspel op celniveau in elkaar steekt, hebben Amerikaanse onderzoekers van het Scripps Research Instituut zich gebogen. Hun studie laat zien hoe de ziekte van Parkinson kan worden getriggerd door celstress-gerelateerde biochemische processen die een belangrijk cellulair afvalbeheersysteem verstoren. Deze verstoring leidt tot de verspreiding van schadelijke eiwitaggregaten in de hersenen. Bij eiwitaggregatie klonteren eiwitten zich op een verkeerde manier samen en brengen zo schadelijke effecten teweeg. Eiwitaggregaten kunnen ontstaan bij verschillende (hersen)ziekten, waaronder ALS, alzheimer en parkinson.

Volgens de onderzoekers is deze ontdekking een doorbraak die kan leiden tot behandelingen die het ziekteproces aanzienlijk kunnen vertragen of wellicht zelfs stoppen.

Lewy Body Dementie (LBD) is een ziekte die nauw verwant is aan parkinson. Hierbij treedt vroeg in het ziekteverloop dementie op. Bij zowel parkinson als LBD bevatten de aangetaste neuronen abnormale eiwitaggregaties van met name het eiwit alfa-synucleïne. Deze samengeklonterde eiwitten staan bekend als Lewy-lichamen. Hiervan is al aangetoond dat zij bij parkinson en LBD van neuron naar neuron kunnen bewegen, maar hoe de alfa-synucleïneaggregaten zich precies verspreiden, bleef onduidelijk.

Eerdere studies van het Scripps Research Instituut vonden dat het ziekteproces van parkinson en LBD zeer reactieve stikstofbevattende moleculen genereert en dat deze moleculen belangrijke cellulaire systemen kunnen verstoren, waaronder ‘huishoudelijke’ systemen die normaal gesproken eiwitaggregaten onder controle houden.

In de nieuwe studie toonde het team de geldigheid van dit idee aan door te laten zien dat een bepaalde stikstofmolecuulreactie een belangrijk cellulair eiwit genaamd p62 kan beïnvloeden. Dit p62-eiwit helpt normaal gesproken bij autofagie, het afvalbeheersysteem dat cellen helpt zich te ontdoen van de schadelijke eiwitaggregaten. De onderzoekers vonden in cel- en diermodellen van parkinson het bewijs dat de verandering van p62 door de stikstofmoleculen dit proces remt, waardoor een opeenhoping van alfa-synucleïneaggregaten ontstaat. De aangetaste neuronen scheiden deze aggregaten vervolgens af en sommige van deze aggregaten worden opgenomen door nabijgelegen neuronen.

De onderzoekers testten ook post-mortem hersenen van LBD-patiënten en ontdekten dat daar sprake was van eenzelfde wisselwerking.

Chemische modificatie van p62 zou dus een sleutelfactor kunnen zijn waardoor verspreiding van de eiwitaggregaten in de hersenen wordt voorkomen. Hieraan werkt het onderzoeksteam nu. Het kan weliswaar jaren duren om dergelijk potentieel commerciële geneesmiddelen te ontwikkelen, maar op termijn zouden ze in principe het ziekteproces van parkinson en LBD kunnen vertragen of de verdere verspreiding ervan in de hersenen kunnen voorkomen.

BRON pubmed.ncbi