Spelt, de nieuwe tarwe

Is bij allergie de ‘oudoom’ van tarwe beter te verdragen?

 

We worden met allergie voor tarwe grootgebracht. Coeliakie (een erfelijke allergie voor gluten) komt volgens een onderzoek namelijk inmiddels voor bij 33 op de 6000 kinderen1. Spelt, kamutTM en andere ‘nieuwe graansoorten’ worden gepromoot als veilige, tarwevrije alternatieven voor mensen met allergieën en tarwe-intolerantie. Maar is spelt werkelijk een alternatief voor tarwe voor die miljoenen mensen die geen normale tarwe kunnen eten?
De algemene opvatting is dat spelt de oudere voorvader is van tarwe, minder gemanipuleerd is en daardoor beter getolereerd wordt. Maar de herkomst van spelt is grotendeels onbekend. Aangenomen wordt dat het van oorsprong uit Iran en het zuidwesten van Europa komt en dat het in het Bronzen Tijdperk (4000-1000 vC) veel gegeten werd. Heden ten dage is spelt grotendeels verdrongen door de massaal geteelde tarwe, hoewel het in Duitsland en Zwitserland nog een belangrijk gewas is.
Alle granen die gluten bevatten, behoren tot de familie van grassen. De alfa-gliadine-eiwitten (gluten) van sommige van deze planten blijken de grootste problemen op te leveren voor mensen met coeliakie en mensen met intolerantie van tarwe. Volgens Donald D. Kasarda, voormalig scheikundig onderzoeker van het Amerikaanse landbouwdepartement en autoriteit op het gebied van de effecten van graaneiwitten bij mensen met coeliakie, zullen alle leden van de tarwefamilie (Triticum aestivum) waarschijnlijk problemen geven voor mensen met coeliakie. Spelt (T. spelta) is van hetzelfde geslacht, net als kamut, Poolse tarwe en eenkoorn. Interessant is dat zowel rogge ( Secale cereale) als gerst (Hordeum vulgare) ook problemen geven bij coeliakie, hoewel ze minder verwant zijn aan tarwe dan spelt.
Tevens, zegt Kasarda, blijkt uit onderzoek met behulp van gel-lektroforese dat de eiwitten van spelt bijna identiek zijn aan die van bepaalde tarwesoorten. Bovendien worden zowel bij eiwitanalyse als bij DNA-analyse gluteneiwitten in spelt aangetroffen. Volgens Kasarda hebben de meldingen van succesvolle tolerantie van spelt te maken met de verbetering die de meeste mensen bemerken als ze alle tarwe-eiwitten uit hun voedingspatroon hebben geschrapt. Zelfs als ze dan weer gewone tarwe gaan eten, duurt het vaak maanden of zelfs jaren voordat er nieuwe reacties ontstaan.
Kasarda probeerde zijn eigen, informele test uit op een vrouw met tarweallergie die beweerde dat ze spelt wel verdroeg. Deze vrouw kreeg ademhalingsmoeilijkheden, huidblaren en uitslag als ze tarwe at, maar ze had geen coeliakie. Kasarda zette een blind onderzoek op met haar medewerking, waarbij hij zes eiwitextracten maakte: drie van verschillende speltsoorten en drie van volkoren tarwebloem. Elke maand kreeg de vrouw elk van de zes monsters om de beurt. Haar reacties werden bijgehouden. Bij bestudering van de resultaten ontdekte Kasarda dat de keren dat ze reacties vertoonde, ongeveer evenredig verdeeld waren tussen spelt en tarwe. De ernstigste reactie, waarbij ze een spuitje adrenaline nodig had om de reactie te verzachten, kwam na een extract van een speltsoort.
Bij een onderzoek naar de antilichamen in bloed na blootstelling aan tarwe of spelt bleek wel dat de graansoorten een verschillende soort reactiviteit uitlokken. De ernstigste reacties traden op na bewerkte soorten, wat zou betekenen dat de bewerking evenzeer boosdoener is als het eiwit (zie het kader)2.
De veiligste alternatieven voor tarwe zijn wellicht andere grassen die minder verwant zijn aan tarwe, zoals rijst en maïs, en andere granen die daarop lijken, zoals gierst, kafir (sorghum), teff, vingergierst (ragi) en jobstranen. Andere mogelijkheden zijn de soorten die gezamenlijk de ‘dicotylen’ heten. Deze verre familie van de grassen omvat boekweit, amarant en quinoa. De granen van deze planten worden waarschijnlijk goed verdragen door mensen die gewoonlijk niet goed tegen tarwe kunnen.
Als u wel tarwe verdraagt, zijn er vele alternatieven voor de varianten die in de winkel te koop zijn. Maak uw eigen brood van volkoren granen, of gebruik bloem, of gebruik traditioneel gemalen meel van granen die biologisch of biodynamisch geteeld zijn. Ook kunt u brood proberen dat gekiemd is of met zuurdesem gebakken, waardoor de eiwitten beter te verteren zijn.
Lynne McTaggart

1J Pediatr, 2000; 136: 86-90
2Food Agr Immunol, 2001; 13: 171-181
kader
 

Andere redenen voor allergie
Hedendaagse tarwe heeft een batterij aan manipulatieve technieken ondergaan zoals:
 fungiciden en insecticiden op de zaden;
 een scala aan insecticiden, herbiciden en fungiciden zoals disulfoton (Di-Syston) tijdens de groei;
 groeiregulerende stoffen om de plant sneller te doen kiemen en sterk te worden. Momenteel gebruiken de tuinders natuurlijke of synthetische hormonen zoals Cycocel;
 nog meer insecticiden bij het oogsten;
 ‘beschermende’ stoffen (chloorpyrifosmethyl en pyrethrinen) die van buitenaf aan het graan worden toegevoegd, maar ook diep van binnen om het te beschermen tegen motten en andere insecten;
 besproeiing met methylbromide, aluminiumfosfide en magnesiumfosfide tijdens de opslag en bij het behandelen van het graan;
 oververhitting waardoor de eiwitten denaturaliseren en vaak ‘gekookt’ worden;
 versnelde maalprocessen om de kiemen en hulzen te verwijderen (de voedzaamste bestanddelen) die aan dieren gevoerd worden;
 verbeter- en conserveermiddelen voor deeg, gedeeltelijk bestaand uit geharde plantaardige oliën en toxisch sojadeeg;
 chemische conserveermiddelen om de houdbaarheid in de winkel te verlengen tot ver voorbij de paar dagen die daar normaliter bij brood voor staan.