Timing van beweging beïnvloedt insulinegehalte

Wanneer je ‘s middags of ‘s avonds fysiek actief bent, vermindert je insulineresistentie vermindert sterker dan wanneer je je activiteiten gelijkmatige verdeelt over de dag. Dat hebben onderzoekers van de afdeling Klinische Epidemiologie van het Leids Universitair Medisch Centrum ontdekt.

Veel mensen brengen de dag zittend door en dat verhoogt het risico op metabole ziekten, waaronder diabetes type 2 (suikerziekte). Eerdere studies toonden aan dat lichaamsbeweging resulteert in verminderd levervet en verbeterde insulinegevoeligheid. Dat verband was het uitgangspunt van de onderzoekers in deze nieuwe studie.

De veronderstelling was ook dat het tijdstip van fysieke activiteit gedurende de dag een factor kan zijn in de metabole gezondheid. Andere studies, waaronder bij dieren, lieten metabole risicomarkers zien wanneer het ritme van de dag en de mate van inspanning veranderde, maar de resultaten van deze onderzoeken waren inconsistent. Het onderzoeksteam besloot daarom de timing van fysieke activiteit en de gevolgen daarvan op het levervetgehalte en insulineresistentie te onderzoeken bij een populatie van middelbare leeftijd.

Middelbare leeftijd, hoge BMI

De onderzoekers gebruikten gegevens uit de Nederlandse Epidemiologie van Obesitas (NEO-)studie. Dat is een wetenschappelijke cohortstudie (2008-2012) naar de oorzaken van ziekte bij mensen met overgewicht. Mannen en vrouwen in de leeftijd van 45 tot 65 jaar die in de regio Leiden woonden met een zelfgerapporteerde body mass index (BMI) van 27 kg/m2 of hoger, werden uitgenodigd om deel te nemen. Ook werden inwoners in dezelfde leeftijdscategorie uit Leiderdorp uitgenodigd als referentiepopulatie. Dit resulteerde in een onderzoekspopulatie van 6.671 personen.

Een deel van de deelnemers kreeg een lichamelijk onderzoek waarbij bloedmonsters werden genomen om nuchtere en postprandiale (na de maaltijd) bloedglucose- en insulinespiegels te meten. Demografische, levensstijl- en klinische informatie werden verkregen via een vragenlijst. De deelnemers werden ook gescreend op geschiktheid voor een MRI-scan en ongeveer 35 procent van degenen die de procedure konden ondergaan, werd willekeurig geselecteerd om hun levervetgehalte met deze techniek te laten meten.

Een andere willekeurige substeekproef van 955 deelnemers kreeg ActiHeart-apparaat op hun borst dat zij vier opeenvolgende dagen en nachten moesten dragen. Metingen van versnelling en hartslag werden gebruikt om het energieverbruik van hun fysieke activiteiten te schatten. De onderzoekers analyseerden met name beweging die onder matige tot zware inspanning valt, waartoe ook fietsen en stevig wandelen behoren.

De Leidse onderzoekers hadden zo uiteindelijk de volledige datasets van 775 deelnemers tot hun beschikking. De groep bestond voor 42 procent uit mannen en 58 procent uit vrouwen, had een gemiddelde leeftijd van 56 jaar en een gemiddelde BMI van 26,2 kg/m2.

Vier typen bewegers

De onderzoekers zagen vier type bewegers: mensen die vooral ’s ochtends, ’s middags óf ’s avonds bewogen en mensen die geen duidelijke piek in beweging hadden en verspreid over de hele dag een beetje bewogen. Het lichaam van deelnemers die vooral ’s middags en ’s avonds bewogen, bleek gevoeliger voor insuline dan dat van mensen die verspreid over de hele dag of vooral in de ochtend bewogen. Dat totale hoeveelheid beweging maakte niet uit.

Wanneer je lichaam minder gevoelig is voor het hormoon insuline, dan wordt je bloedsuikerspiegel te hoog. Zo kan na verloop van tijd diabetes type 2 ontstaan. Daardoor hebben mensen die vooral ’s middags en ’s avonds bewegen waarschijnlijk een lager risico op diabetes type 2.

Het uiteindelijke doel van de onderzoekers is om te komen tot adviezen die gemakkelijk in ieders leven inpasbaar zijn en waarmee het risico op diabetes afneemt, maar daarvoor moet eerst nog onderzocht worden wat nu echt de beste momenten zijn om te eten en bewegen.

Bron: Diabetologia (2022)